Het verhaal van een grote suikerfan
Het verhaal van Monique Pirson, gepassioneerd door suiker.

Toen ik in 1981 in Parijs op een terras een kop koffie dronk, werd ik overdonderd door dat kleine pakje suiker ... Ik had er destijds geen benul van dat dit suikerzakje mijn leven op zijn kop zou zetten.
Ik nam het zakje mee en zocht er nog andere tijdens mijn weekend in Parijs. Op drie dagen tijd was mijn tas goed gevuld met zo’n twintig suikerzakjes met allerhande thema’s: bloemen, wagens enz. Dat was het begin van een groots avontuur! Ik stond op het punt me te wagen in de wereld van de ‘suikerverzamelaars’.
Terug in België zet ik mijn zoektocht naar suikerverpakkingen voort. Ik plaats advertenties in verschillende bladen en praat erover met zo veel mogelijk mensen in mijn omgeving. Zo trots als een pauw, toon ik iedereen mijn pronkstukjes uit Parijs.
Mijn eerste Tiense klontjes komen aan. Ik ontdek dat ze enorm kleurrijk zijn en stuk voor stuk verschillend. Wat een genot!
De passie blijft duren. Ik verzamel suikerzakjes als een bezetene. Ik breid mijn verzameling zoveel mogelijk uit. De zakjes die ik dubbel heb, gebruik ik als pasmunt. In 1986 treed ik als eerste Belg toe tot de ‘Club de Glycophiles Français’ en neem ik deel aan mijn eerste ruilbeurs in Parijs. Uiteraard probeer ik zo veel mogelijk suikerklontjes en -zakjes uit Tienen te verzamelen. Het wordt een ware passie en een automatische reflex!
Op het einde van de jaren 1980 bezoek ik met mijn gezin de Tiense Suikerraffinaderij (TS). Het bezoek wordt georganiseerd door de TS aan het begin van de campagne. Tijdens deze kennismaking leg ik mijn eerste contacten binnen de TS en wordt mijn interesse gewekt voor de geschiedenis en de vervaardiging van suiker.
Ik trek naar meer en meer ruilbeurzen in Europa: Frankrijk, Duitsland, Zwitserland, Italië en Tsjechië. Mijn verzameling groeit en blijft groeien, en de vriendschappen die ik er smeed, worden almaar internationaler.
In 1997 beslis ik om de eerste internationale beurs voor suikerverzamelaars te organiseren in België. Ze vindt plaats in mijn dorp, Bioul, en de gelegenheid wordt bedacht met de productie van een speciaal Tiens suikerklontje.
In 2002 wordt mijn verzameling gebruikt voor het persdossier van de TS over het 100-jarig bestaan van de Harde Klontjes.
De Tiense suikerklontjes zijn voor mij de pronkstukken van mijn verzameling. Ik ben de trotse bezitter van:
-
de eerste Adant-klontjes, verpakt in 1930

-
maar ook de eerste pakken gezaagde suiker van 1 kg uit de jaren 1940

-
en de eerste suikerbroden (ongeraffineerde rietsuiker) van 2 kg.

Mijn verzameling van Tiense suiker bevat een heleboel gedenkvoorwerpen en publicitair en didactisch materiaal, maar ook machineonderdelen en productiemiddelen voor de productie van suiker. De lijst is lang…
Van de 300.000 verschillende stukken van mijn verzameling, is Tiense suiker mijn favoriet en mijn voornaamste doel. Op vraag van het Suikermuseum in Tienen werden mijn oudste stukken er van 6 oktober 2010 tot 31 januari 2011 tentoongesteld.
En nu zijn we beland in het jaar 2011. Daarin zijn twee verjaardagen te vieren:
-
de Tiense Suikerraffinaderij bestaat 175 jaar – van harte gefeliciteerd!
-
persoonlijk vier ik 30 jaar die me onnoemelijk plezier hebben geschonken: 30 jaar passie, 30 jaar op zoek, 30 jaar van geluk en rijkdom in elk opzicht.
En naar aanleiding daarvan heb ik twee gedenkreeksen van suikerzakjes laten maken als cadeautje voor de meeste van mijn vrienden-verzamelaars van over de hele wereld. Uiteraard heeft Tiense suiker een prominente plaats in deze reeksen.
Mijn passie voor suiker is onmetelijk groot en onverzadigbaar. In die mate zelfs dat ik binnenkort een bescheiden museum ga openen in Anhée. Het krijgt de naam ‘Musée du sucre emballé’.